PremiumWarmtepompen

Propaanwarmtepompen: de impact van R290 op de installatiepraktijk

Warmtepomp op propaan
Voorzichtigheid en het volgen van enkele algemene regels is wel een strikte voorwaarde voor een correct gebruik van warmtepompen die R290 als koelmiddel hebben

Door de herziening van de F-gassenverordening zijn er meer warmtepompen op de markt gekomen die gebruik maken van niet-gefluoreerde koudemiddelen. Een gevolg hiervan is dat er koudemiddelen gebruikt worden met een hogere ontvlambaarheid, zodat voorzichtigheid geboden is bij het gebruik van deze koudemiddelen. Propaan (R290) is hier een mooi voorbeeld van. Dit artikel gaat dieper in op de veiligheidseisen die voor deze warmtepompen van belang zijn.

Paul De Schepper - 29 juni 2026

Tegen 2050: enkel milieuvriendelijke koudemiddelen

Laten we eerst kort de essentie bekijken van de F-gassen verordening. Een eerste belangrijk besluit is een versnelde uitfasering van gefluoreerde koudemiddelen. In vergelijking met de gebruikte hoeveelheid gefluoreerd koelmiddel (in ton) van 2015 moet het gebruik tegen 2030 met 95% verminderd zijn. Dit is een verstrenging ten opzichte van de vorige F-gassen verordening waar een reductie van 80% was overeengekomen. Tegen 2050 moet er een volledige overgang zijn naar klimaatvriendelijke koudemiddelen.

Een tweede besluit is het verbod op gefluoreerde broeikasgassen. Kort samengevat zullen warmtepompen met synthetische koudemiddelen met een hoge GWP-waarde tot 2033 stapsgewijs worden beperkt, ervan uitgaande dat natuurlijke koudemiddelen als alternatief beschikbaar zijn.

Als laatste belangrijk besluit zijn er de strengere verplichtingen van de exploitant. Er zijn aanvullende voorschriften voor lektesten, certificering en verwijdering.

Propaan
R290 heeft een lage milieu-impact en goede thermodynamische eigenschappen, maar een grote belemmering is wel de brandbaarheid

Waarom propaan?

Propaan is een natuurlijk koelmiddel dat een steile opmars kent bij residentiële warmtepompen. Als voordelen heeft het een lage milieu-impact en goede thermodynamische eigenschappen, maar een grote belemmering is wel de brandbaarheid. Voorzichtigheid en het volgen van enkele algemene regels is wel een strikte voorwaarde voor een correct gebruik van warmtepompen die R290 als koelmiddel hebben.

De milieu-impact van een koelmiddel wordt weergegeven in de GWP-waarde (Global Warming Potential). Het natuurlijke koelmiddel propaan (R290) heeft een GWP-waarde van 0.02, daar tegenover staat bijvoorbeeld het gefluoreerde R410a met een GWP-waarde van 2086. Het nu vaak gebruikte gefluoreerde R32 heeft ook nog een GWP-waarde van 675, wat nog steeds redelijk hoog is. R32 is licht brandbaar (A2-klasse) en hiervoor zijn de veiligheidseisen veel minder streng dan voor R290.

Aandachtspunten bij een buitenopstelling

Daarom zullen warmtepompen, die werken met propaan als koelmiddel, vaker voorkomen in monobloc uitvoering, waardoor een betere dichtheid van het systeem wordt gegarandeerd. Flare-verbindingen worden hier vervangen door soldeerverbindingen waardoor een goede afdichting wordt verzekerd.

Bij het gebruik van een monobloc warmtepomp in een buitenopstelling is de hoeveelheid koelmiddel relatief klein. Het belang van deze hoeveelheid koelmiddel naar veiligheid toe komt later nog aan bod, maar voor propaan bij een buitenopstelling gelden wel veiligheidszones. De veiligheidszone wordt gedefinieerd als het volume rondom het toestel waarin geen ontstekingsbronnen of gebouwopeningen aanwezig mogen zijn.

De grootte van deze zone is afhankelijk van de hoeveelheid propaan in de warmtepomp en het type van warmtepomp (binnen- of buitenopstelling). Raadpleeg daarom altijd de productspecifieke installatiehandleiding van de fabrikant. Sommige fabrikanten werken met afstanden van bijvoorbeeld 1 tot 5 meter in bepaalde richtingen. Ook leidingdoorvoeren van buiten naar binnen moeten gasdicht afgesloten worden zodat er bij een eventuele lekkage geen dampen het gebouw kunnen binnenkomen.

Mogelijke ontstekingsbronnen zijn o.a. open vuur, vonkvormende elektrische apparatuur, stopcontacten, schakelaars, of elektrische installaties die niet geschikt zijn voor die omgeving. Aangezien propaan zwaarder is dan lucht kan propaan zich ophopen in lage ruimtes zoals bijvoorbeeld een kelder. Vandaar de noodzaak om geen openingen te hebben in de veiligheidszone, waardoor vermeden wordt dat het gas zich kan verspreiden in de woning. 

Figuur 1
Figuur 1: Een voorbeeld van een veiligheidszone voor een opstelling op grondniveau

Figuur 2
Figuur 2:  Aangezien propaan zwaarder is dan lucht kan propaan zich ophopen in lage ruimtes zoals bijvoorbeeld een kelder. Vandaar de noodzaak om geen openingen te hebben in de veiligheidszone

De minimale afstanden kunnen eruitzien als in bovenstaande figuur, maar zijn specifiek per fabrikant en kunnen variëren. Bij nieuwbouw zal dit meestal geen probleem vormen, maar bij renovatie kan dit in bepaalde gevallen wel problemen geven. Indien de buitenopstelling niet gerealiseerd kan worden binnen deze afmetingen, is het mogelijk om het gebied rondom de warmtepomp permanent en dicht af te sluiten. Ook bij een wandmontage en dakmontage gelden minimale afstanden.

Bij een dakmontage mogen dakventilatoren en dakafvoersystemen zich niet binnen de door de fabrikant opgelegde minimale afstanden bevinden. In het geval van een borstwering moet ophoping van koudemiddel worden vermeden.

Ondertussen zitten bepaalde warmtepompfabrikanten aan een tweede generatie warmtepompen op propaan. Bepaalde concepten (bv. een extra stand waarbij de ventilator continu op laag toerental blijft draaien om bij een lek de opeenhoping van propaan te voorkomen) maken het mogelijk om deze veiligheidszone aanzienlijk te verkleinen waardoor de buitenunit vrijwel overal rondom de woning kan geïnstalleerd worden.

Wandmontage
Figuur 3: Ook bij een wandmontage en dakmontage gelden minimale afstanden

Aandachtspunten bij een binnenopstelling

Als we kijken naar de veiligheidseisen bij het gebruik van warmtepompen op propaan bij een binnenopstelling is de LFL-waarde van groot belang. LFL staat voor Lower Flammability Limit, of in het Nederlands, de onderste ontvlambaarheidsgrens. LFL is de laagste concentratie van een brandbaar gas in lucht waarbij het mengsel nog kan ontbranden. Als er te weinig brandbaar gas in de lucht aanwezig is, kan het mengsel niet branden of ontploffen, het mengsel is te “arm” om te ontsteken.

Bereikt de concentratie brandbaar gas-lucht de LFL waarde dan kan dit mengsel wel ontbranden. Is er te veel gas aanwezig en overschrijdt het mengsel de UFL-waarde (Upper Flammable Limit) dan is er te weinig zuurstof aanwezig om te kunnen branden. Dit is wel een onveilige situatie aangezien bij de minste aanvoer van lucht de concentratie propaan/lucht terug daalt en hierdoor onder de UFL-waarde kan liggen, waardoor het mengsel terug brandbaar wordt.

Voor R290 (propaan) bedraagt de LFL-waarde 0.038 kg/m³ lucht. Dit betekent dat een lucht-propaan mengsel pas ontvlambaar wordt wanneer er minstens ongeveer 38 gram propaan per kubieke meter lucht aanwezig is. Normen zoals IEC 60335-2 gebruiken de LFL om te bepalen:

  • Hoeveel propaan maximaal mag worden toegepast;
  • Welke minimale ruimtevolumes vereist zijn;
  • Welke veiligheidsafstanden of ventilatie nodig zijn.

Stel dat je een warmtepomp hebt met 1.5 kg propaan en heel de koelmiddelinhoud zou vrij komen in een afgesloten ruimte.

Via de LFL kunnen we dan berekenen welk minimaal volume we nodig hebben om boven de ontstekingsgrens te zitten, namelijk 1.5 kg/0.038 kg/m³ = 39.5 m³. Is de ruimte kleiner dan 40 m³ dan zou de gemiddelde concentratie theoretisch boven de LFL kunnen uitkomen als er geen ventilatie is. De recente revisie van de veiligheidsstandaard voor airconditioners en warmtepompen (IEC 60335-2-40; 2022) laat een grotere hoeveelheid brandbare stoffen toe. Grotere hoeveelheden zijn ook toegelaten als er maatregelen genomen zijn om de concentraties laag genoeg te houden in geval van lekken.

Airco binnenunit
Als we kijken naar de veiligheidseisen bij het gebruik van warmtepompen op propaan bij een binnenopstelling is de LFL-waarde van groot belang

Verder is er geen ondergrens opgelegd voor de oppervlakte van de opstellingsruimte als de koudemiddelinhoud lager is dan 4 keer de LFL. Dit betekent dat voor propaan er geen minimale oppervlakte vereist is als de koelmiddelinhoud kleiner is dan 4*0.038 = 0.152 kg. Bijgevolg zijn fabrikanten volop residentiële warmtepompen op propaan aan het ontwikkelen met een koelmiddelinhoud kleiner dan 152 gram.

Ligt de koelmiddelinhoud hoger, dan zullen er aanvullende maatregelen nodig zijn om de concentratie bij een eventueel lek te beperken. Aanvullende maatregelen zijn ventilatie, opstellingsruimte aanpassen, detectie en de veilige positionering van componenten. Indien er koudemiddel uit het circuit lekt, zorgt de ventilatievoorziening ervoor dat deze direct naar buiten wordt afgevoerd.

Voor de hoeveelheid ventilatie bestaat er geen vaste eis zoals bijvoorbeeld 150 m³/h. De benodigde ventilatie is afhankelijk van:

  • De hoeveelheid propaan in de installatie – de koudemiddelvulling;
  • Het volume van de technische ruimte;
  • De plaats van de warmtepomp;
  • De geldende norm EN 378 en de installatievoorschriften van de fabrikant.

Er zal dus een berekening moeten gemaakt worden op basis van vooral de volume-inhoud en de hoeveelheid koelmiddelvulling. Uit deze berekening kan volgen:

  • Dat er een minimale ruimte-inhoud moet zijn zodanig dat een eventuele lekkage geen gevaarlijke concentratie oplevert;
  • Dat er een permanente natuurlijke ventilatie aanwezig moet zijn via ventilatieroosters;
  • Dat er een mechanische ventilatie aanwezig moet zijn;
  • Dat er een gasdetectiesysteem vereist is met eventueel een mechanische afzuiging die automatisch inschakelt bij een gasdetectie;

Indien als veiligheidsmaatregel een mechanische ventilatie wordt voorgesteld, wordt deze meestal zo ontworpen dat:

  • De afzuiging laag bij de vloer plaatsvindt (propaan is zwaarder dan lucht);
  • De ventilatie continu draait of automatisch wordt geactiveerd;
  • De afgezogen lucht rechtstreeks naar buiten wordt afgevoerd;
  • De ventilator geschikt is voor toepassing in een omgeving waar bij een lekkage een brandbaar gasmengsel kan ontstaan;

Een standaard mechanisch ventilatiesysteem voor de woning (badkamer, keuken …) voldoet daarvoor vaak niet.

Installateur aan het werk
Wie het koeltechnische circuit opent, vult, herstelt, evacueert of koudemiddel terugwint, moet beschikken over de juiste koeltechnische competenties. De Europese regelgeving is uitgebreid van F-gassen naar ook natuurlijke koudemiddelen zoals propaan (R290)

Propaan is de toekomst

Het is duidelijk dat propaan als koelmiddel heel populair aan het worden is. Propaan valt niet onder de F-gassen verordening en is – door zijn zeer lage GWP-waarde – veel minder schadelijk voor milieu en voor het klimaat. Als je nog een warmtepomp hebt met een traditioneel koelmiddel, hoef je je nog geen zorgen te maken. Deze mogen nog steeds verkocht worden en bijvullen tijdens een onderhoudsbeurt mag ook geen probleem zijn. Enkel de nieuwe units vallen onder de reeds genoemde F-gassen verordening.

Samengevat kunnen we stellen dat voor een warmtepomp met propaan in een buitenopstelling dit vaak monoblocs zullen zijn omwille van hun goede afdichting en zeer kleine kans op lekken. Wel zijn er voor buitenopstellingen veiligheidszones gedefinieerd die verschillend kunnen zijn van merk tot merk.

Indien de warmtepomp met propaan als binnenopstelling wordt toegepast moet je ervoor zorgen dat er minder dan 152 gram koudemiddelvulling aanwezig is. Indien deze hoeveelheid overschreden wordt, moet je zorgen voor een extra ventilatie (al dan niet mechanisch) al dan niet in combinatie met de nodige veiligheidsvoorzieningen.

Zoals in het begin reeds meegegeven, heeft propaan ook heel goede thermodynamische eigenschappen. Hierdoor zijn warmtepompen werkend op propaan ideaal voor oudere gebouwen en voor renovatie van bestaande gebouwen. Warmtepompen op propaan in monobloc uitvoering halen vrij vlot een aanvoertemperatuur van rond de 70 °C, zelfs als het buiten -10 °C is.

Dit betekent dat je de bestaande radiatoren kunt behouden en dat overschakelen naar vloerverwarming niet noodzakelijk is, wat toch een serieuze besparing oplevert bij de renovatiekosten. Verder is het zo dat de warmtepompfabrikanten zich meer gaan toeleggen op tal van nieuwe innovaties op propaan. Er worden zelfs SCOP-waarden bereikt van 6 bij een aanvoertemperatuur van 35 °C.

Wie mag werken aan het koeltechnisch circuit van een R290 warmtepomp?

Wie het koeltechnische circuit opent, vult, herstelt, evacueert of koudemiddel terugwint, moet beschikken over de juiste koeltechnische competenties. De Europese regelgeving is uitgebreid van F-gassen naar ook natuurlijke koudemiddelen zoals propaan (R290).

In de praktijk zal dit doorgaans

  • een erkend koeltechnicus zijn,
  • met opleiding/kennis voor brandbare koudemiddelen (A3);
  • werkzaam voor een koeltechnisch bedrijf.

Er bestaan inmiddels ook gespecialiseerde opleidingen voor erkende koeltechnici rond R290 en andere natuurlijke koudemiddelen.

Zolang het koelcircuit niet wordt geopend, mogen andere werkzaamheden zoals o.a. hydraulische en elektrische werkzaamheden ook door andere vakmensen worden uitgevoerd.

Wat heb je nodig

Krijg GRATIS toegang tot het artikel
of
Proef ons gratis!Word één maand gratis premium partner en ontdek alle unieke voordelen die wij u te bieden hebben.
  • wekelijkse newsletter met nieuws uit uw vakbranche
  • digitale toegang tot 35 vakbladen en financiële sectoroverzichten
  • uw bedrijfsnieuws op een selectie van vakwebsites
  • maximale zichtbaarheid voor uw bedrijf
Heeft u al een abonnement? 

Deel je (nieuws)verhaal

Heb je nieuws dat relevant is voor onze redactie? Deel het met ons via het meldformulier.

Nieuws melden

Zelf nieuws te delen?

Heb je nieuws dat relevant is voor onze redactie? Deel het met ons via het meldformulier.

Nieuws melden
Print Magazine

Recente Editie
26 mei 2026

Nu lezen

Ontdek de nieuwste editie van ons magazine, boordevol inspirerende artikelen, diepgaande inzichten en prachtige visuals. Laat je meenemen op een reis door de meest actuele onderwerpen en verhalen die je niet wilt missen.

In dit magazine