naar top
Menu
Logo Print
18/12/2018 - LAURENS PENNINCK

KEUZE VERWARMINGSSYSTEEM

Welk soort vloerverwarming geïnstalleerd wordt en de manier waarop de vloer afgewerkt is, heeft een invloed op de warmte­afgifte van de vloerver­warming. Net voor de oplevering nog kiezen om de vloerverwarming af te werken met parket in plaats van tegels, is geen zo'n goed idee. Parket isoleert veel beter en houdt de warmte­afgifte tegen. Wie weet, is er wel meer vermogen nodig van de ketel of pomp? Of wordt de ge­vraagde warmteafgifte niet gehaald?

CRITERIA

buizen op isolatielaagDe klant legt daarom het best op voorhand enkele vloerverwarmings­eigenschappen vast:
• Droog of nat vloerverwarmings­systeem: een droog systeem geeft minder warmte af dan een nat systeem (dat kan meer dan 10 W/m² verschillen);
• Mate van vloerisolatie: de dikte van de isolatie onder het buizenstelsel speelt een rol. Hoe dikker de isolatie, hoe minder warmte er verloren gaat richting de grond;
• De dekvloer: hoe beter de warmtegeleiding van de dekvloer, hoe meer warmteafgifte de vloer­verwarming kan realiseren (ge­adviseerd wordt om een dek­vloer met goede warmtegelei­dings­coëfficiënt te gebruiken die boven­dien luchtinsluitingen voor­komt);
• Vloerafwerking: behalve steen en linoleum kunnen ook parket en tapijt op een vloerverwarming aangebracht worden, maar de vloerverwarming heeft bij parket en tapijt een beduidend lagere warmteafgifte (dat verschil in warmteafgifte loopt aanzienlijk op, naarmate de overtemperatuur (= de gemiddelde water­tempera­tuur min de kamertemperatuur) toeneemt, bv. bij een overtempe­ratuur van 20 °C haalt de vloerverwarming met een stenen vloer (warmte­weerstand van R = 0,00) een warmteafgifte tot 100 W/m², bij parket (R = 0,15) is dat dan 55 W/m².

WAAR?

Aangeraden wordt om de hele woning uit te rusten met vloer­verwarming. Waarom?
• Combinatie vloerverwarming met ander verwarmingssysteem: vloerverwarming werkt op een lage temperatuur. Wanneer vloer­verwarming gecombineerd wordt met bv. radia­toren, moet de warm­tebron (bv. de ketel) ook hogere watertempe­raturen voor­zien;
• Transmissie via onverwarmde ruimtes: een ruimte die grenst aan een onverwarmde ruimte, verliest warmte aan die onverwarmde ruimte. Neem nu een badkamer die grenst aan een onverwarmde slaapkamer. De badkamer zal meer warmteafgifte nodig hebben door de warmteverliezen van de badkamer naar de slaapkamer toe.

De installateur kiest het juiste vloerverwarmingssysteem op basis van de hoogste waarde van de specifieke warmteafgifte. Eventuele bad­kamers en randzones vormen hier een uit­zondering op. Doorgaans houdt men voor het ontwerp van vloer­verwarmings­systemen in woonruimtes rekening met een uniforme isolatielaag met een warmteweerstand van 0,10 m²K/W. Informeer u echter altijd bij uw eindklant naar de gekozen vloerbedekking om een juiste dimensionering te krijgen. De pasafstand van de buizen kan schommelen tussen 5 en 20 cm. Hoe kleiner de tussenafstand, hoe hoger de specifieke warmte­afgifte bij een lagere watertemperatuur. Dit zal wel een grotere buislengte vragen.