naar top
Menu
Logo Print
28/08/2018 - PHILIP VIANE

INGRIJPENDE GEVOLGEN DOOR
STRENGERE ECODESIGN-REGELS

Rookgasafvoer in appartementsgebouwen kan tot problemen leiden

Een bloemlezing van wat er allemaal fout loopt in rookgasafvoeren. Hier een afvoer met doorvoeringen van andere aannemers

Een bloemlezing van wat er allemaal fout loopt in rookgasafvoeren. Hier een afvoer met doorvoeringen van andere aannemers

26 september van dit jaar wordt een belangrijke datum voor verwarmingsketels, want dan worden de Ecodesign-regels strenger. Vanaf die datum moet de NOx-uitstoot van nieuwe cv-ketels verder verlagen. Een nieuwe ketel plaatsen in een appartementsgebouw kan dan zeer delicaat worden, waarom dat zo is, leest u in dit artikel. Daarnaast hebben we ook nog aandacht voor het vervangen van open gastoestellen, want ook dat kan een impact hebben op appartementsgebouwen.

WAT GEBEURT OP 26 SEPTEMBER?

Door de verstrenging van de Ecodesign-vereisten zullen de nu geproduceerde B1- ketels (met trekonderbreker) voor het overgrote deel niet meer voldoen. Dat betekent dat u bij het plaatsten van nieuwe ketels verplicht bent om een condensatieketel of een niet-condenserende lagetemperatuurketel te plaatsen die aan de Ecodesign-regels voldoet. Toestellen die u op stock heeft, mag u voorlopig wel nog plaatsen. Ook herstellingswerken mag u nog uitvoeren met vervangstukken die u nog liggen heeft. De fabrikanten mogen vanaf die datum evenwel geen nieuwe toestellen meer op de markt brengen. De bedoeling is duidelijk: dit soort toestellen geleidelijk uit de markt duwen.

Opgelet, er is vooralsnog geen verbod op het maken en verkopen van wisselstukken.

PROBLEEMSTELLING 1: KANS OP VERGIFTIGING

Gemeenschappelijke vs. individuele afvoer

In de jaren vijftig en zestig opteerde men in grote appartementsgebouwen vaak voor één grote verwarmingsketel. In de jaren zeventig kantelde dat richting individuele ketels, die vaak op een gemeenschappelijke schouw aangesloten werden. Op zich is het gefaseerd laten verdwijnen van de oudere vervuilende verwarmingsketels een goede zaak, maar in appartementsblokken kunnen (en zullen) er problemen rijzen bij de gebouwen met een gemeenschappelijke rookgasafvoer.

Het probleem stelt zich zo: de nieuwe efficiënte verwarmingsketels beschikken over een ventilator die de rookgas wegblaast richting schouw. De oudere toestellen hebben die ventilator niet, maar beide types toestellen worden nu soms op dezelfde schouw aangesloten, wat niet toegelaten is. U ziet meteen het probleem. Als de afvoer bovenaan gestremd wordt (door een plotse tegenwind bijvoorbeeld), dan zullen de ventilatoren de rookgassen terugduwen richting de enige weg die nog vrij is van weerstand: die van de appartementen waar de traditionele ketels zitten. Er is dus een reëel gevaar op rookvergiftiging voor deze bewoners. Bij een individuele afvoer stelt deze problematiek zich niet.

Een toestel vervangen is alle toestellen vervangen?

Ook een populaire vondst: resten van bouwmaterialen zoals isolatie
Ook een populaire vondst: resten van bouwmaterialen zoals isolatie

 

In de praktijk kan het dus voorvallen dat een van uw klanten in een appartementsgebouw een panne heeft, waardoor hij een nieuw toestel van het type C of B2 moet plaatsen. Dat heeft evenwel ook gevolgen voor de andere bewoners van het appartement, want zij zien zich genoodzaakt om hun ketel op hetzelfde moment aan te passen. Voer voor onenigheid dus tussen de mede-eigenaars onderling, met de syndicus en uzelf. Voor u - de reflex van elke goede installateur - in uw bestelwagen springt om uw klant snel weer op weg te helpen, is het dus sterk aangeraden om eerst overleg te plegen met de syndicus van het gebouw.

 

 

Een ketelvervanging mag dan individueel lijken, de afvoer ervan is meestal gemeenschappelijk goed. Als installateur zou u uzelf er makkelijk vanaf kunnen maken door enkel de installatie van uw klant aan te passen, maar weet dat acties uitvoeren die een invloed hebben op het gemeenschappelijke deel, u de verplichting geven om de eigenaars erbij te betrekken.Als u hun duidelijk uitlegt wat het probleem is en wat de gevolgen kunnen zijn bij niet-naleving, zullen ze snel beseffen dat er actie ondernomen moet worden. Wie weet, kunt u zo, in plaats van één installatie, zelfs meerdere installaties als klant binnenhalen.

 

Meerdere oplossingen, maar let op met improviseren

Een geïmproviseerde oplossing kan zijn om de rookgasafvoer via de eigen gevel van het appartementsgebouw naar buiten te trekken. Er zijn twee normen die deze materie behandelen (NBN B61-002 en NBN D51-003) en die bepalen hoe en waar een uitmonding geplaatst mag worden. Hier rijzen evenwel enkele problemen.

Als er onderaan geen adequate afwatering voorzien is, kan vocht leiden tot nare toestanden
Als er onderaan geen adequate afwatering voorzien is, kan vocht leiden tot nare toestanden

Een eerste probleem is dat de beide normen onderling niet 100% overeenkomen, op bepaalde punten kan er zo discussie ontstaan. Daar komt bij dat er in veel gevallen ook een specifieke gemeentelijke of stedelijke regelgeving van kracht is. Deze moet zeker ter plaatse afgetoetst worden met Stedenbouw voor er een uitvoering gebeurt. Bovendien worden bewoners zelf minder verdraagzaam. Een afvoer via de gevel staat garant voor burenklachten over rook- en visuele hinder, en is dus af te raden. En ten slotte is er nog de beslissingsmacht van een rechter als het tot een rechtszaak komt. In bepaalde gevallen kan hij oordelen dat een situatie - ook al zijn de normen gevolgd - toch hinder veroorzaakt voor de klager en aangepast moet worden. In theorie is dit euvel makkelijk te verhelpen zonder de noodzaak om meteen alle ketels te vervangen. Zo zou u de afvoer van de nieuwe ketel in een aparte buis in de bestaande rookgasafvoer kunnen plaatsen. Voor één appartement lijkt dit een goede oplossing, maar ze is wel enigszins kortzichtig. Als elke installateur zo zou redeneren, dan krijgen we al vlug een wildgroei van aparte buizen in de schouw, met een toeslibbing van de afvoer tot gevolg. Bovendien gaat u dan voorbij aan het feit dat de afvoer een gemeenschappelijk goed is en u dus verplicht bent om rekening te houden met het gemeenschappelijke belang van alle aangesloten entiteiten op de afvoer. Er moet dus een akkoord zijn met de mede-eigenaars. Een laatste oplossing, voor de moeilijke gevallen, is om te werken met een externe ventilator met de nodige beveiligingen, zodat de afvoer van het rookgas te allen tijde gegarandeerd is. Maar het kan ook anders opgelost worden.

 

56 milligram per kWh, dat is de nieuwe norm voor NOx vanaf 26 september 2018. Voor de atmosferische B11-toestellen is dat quasi niet meer haalbaar. Drie vierde van de toestellen die nu op de markt zijn, zullen dan niet meer geproduceerd mogen worden

 

GEMEENSCHAPPELIJK OF INDIVIDUEEL

Kijk naar het dak

Een eerste punt is om na te kijken of er effectief sprake is van een gemeenschappelijke schouw. Dat is eenvoudig vast te stellen op het dak. Als het aantal schouwen overeenkomt met het aantal woonentiteiten, dan is er sprake van individuele afvoeren en is er geen probleem. Als de kwaliteit van de afvoer te wensen overlaat, kunt u per afvoer een nieuwe flexibel met gladde binnenwand voorzien. Een gladde binnenwand leidt tot minder drukverlies en dus een betere trek. Bovendien krijgt ook condens geen kans. De huidige hoogefficiënte condensatieketels hebben zeer lage rookgastemperaturen. Omdat ze wel nog waterdamp bevatten, betekent dat ook condensvorming in de schouw. Er moet dus ook een aflaat voorzien worden om het condenswater af te laten. Is er slechts één afvoer, dan is het een gemeenschappelijke afvoer. Let wel dat er ook mengvormen zijn waarbij er per gebouwdeel een gemeenschappelijke schouw aanwezig is. Een appartementsgebouw met tien afvoerpijpen op het dak, maar met veertig interne wooneenheden zou dan een belletje moeten doen rinkelen.

Camera-Inspectie

Karkassen van dieren zijn een van de vaakst voorkomende redenen voor verstoppingen

Karkassen van dieren zijn een van de vaakst voorkomende redenen voor verstoppingen

 

In de tweede stap kunt u een visuele camera-inspectie uitvoeren. Zeker in oudere gebouwen kan dit u heel veel leren over de toestand van de schouw. Afbrokkelend metselwerk, karkassen van dode dieren en puinafval zijn de eerder te verwachten problemen, maar de praktijk leert dat ook de meest absurde zaken aangetroffen worden: werfafval omdat dumpen in de schouw makkelijker was dan meenemen, doorvoeringen van geïsoleerde aircobuizen en elektrische kabels, en ook dampkast- en droogkastaansluitingen worden frequent aangetroffen in rookgasafvoeren. Gemetselde schoorstenen (uit baksteen, beton, terracotta) blijken vaak in lamentabele conditie.

 

 

Ze zijn niet geschikt om condens te verwerken en door het verdwijnen van metselwerk door de jaren heen zijn ze ook niet geschikt voor overdrukwerking. Maar ook afvoeren in gegalvaniseerd staal of aluminium ontsnappen niet aan problemen. Hier is corrosie de voornaamste boosdoener.

Een visuele inspectie kan bepalen of er voorbereidende werken nodig zijn om de kwaliteit van de rookgasafvoer te herstellen. Voor gemeenschappelijke schouwen is de werkwijze voor herstelling wat anders dan bij individuele schouwen, al is ook verbuizing de aangewezen techniek. Dat kan normaliter zonder grote ruwbouwwerken. De gebruikte materialen zijn veelal soepele kunststof, composietmateriaal of rvs. Rvs en composiet presteren iets beter over de tijd omdat ze wat minder vervormen. De nieuwe buis heeft een omtrek die ongeveer twee derde van de originele schouw is, omdat dit nieuwe rookkanaal in overdruk zit dankzij de ketelventilatoren. Daarom is er bij dit type ketels ook altijd een terugslagklep vereist. Dit systeem laat bovendien toe om eenvoudig openingen te maken ter hoogte van de afvoerbuizen van de toestellen. Met andere woorden, het is perfect mogelijk om de oude toestellen op de oude schouw te laten zitten, en pas als er een nieuw toestel geplaatst wordt, kan de opening gemaakt worden naar een nieuwe schouw die in een naburig kanaal in stand-by zit.

PROBLEEMSTELLING TWEE: OPEN GASTOESTELLEN

Karkassen van dieren zijn een van de vaakst voorkomende redenen voor verstoppingen
Karkassen van dieren zijn een van de vaakst voorkomende redenen voor verstoppingen

Bij de rookgasafvoer is er nog een tweede probleem: de norm NBN D51-003 (addendum 2014) verbiedt sinds 1 september 2015 het vervangen van open gastoestellen (type B) in badkamers, wc's, douches, lokalen en slaapkamers. Dit type toestellen gebruikt binnenlucht om de ketel te 'voeden' en mag niet meer geplaatst worden in deze lokalen. Bij een gemeenschappelijk schouw rijst het probleem dat u, zelfs al plaatst men de afvoer via verbuizing in de bestaande schouw, nog altijd ergens aanvoerlucht moet aanzuigen van buitenaf. Dat zal in vele gevallen resulteren in grote werken, zelfs met een mogelijke impact op de ruwbouw van de installatie. Bij dringende herstellingen in appartementsgebouwen is de tijd er niet altijd om dit soort werken in te plannen. Ook in dit geval dreigen er dus problemen met andere bewoners en de syndicus. Laat dit dus een pleidooi zijn om syndici er attent op te maken dat ze op korte termijn problemen kunnen verwachten door deze wetgeving.

B11-TOESTELLEN

56 milligram per kWh, dat is de nieuwe norm voor NOx vanaf 26 september 2018. Voor de atmosferische B11-toestellen is dat quasi niet meer haalbaar. Drie vierde van de toestellen die nu op de markt zijn, zullen dan niet meer geproduceerd mogen worden. Al zijn er wel een drietal fabrikanten die er toch in geslaagd zijn om met dit type toestellen te voldoen aan de nieuwe wetgeving. Deze types kunnen dus wel gebruikt worden in gemeenschappelijke schouwen, als ze tenminste niet geplaatst worden in de lokalen waarvan sprake in de vorige alinea.

OPPASSEN VOOR WAARBORGPROBLEMEN

Een visuele camera-inspectie levert de broodnodige informatie over de interne toestand van de schouw

Een visuele camera-inspectie levert de broodnodige informatie over de interne toestand van de schouw

 

 

Als de eigenaar de oude ketel die in een niet toegelaten plaats staat, heeft laten vervangen door een nieuw exemplaar, maar de installateur heeft nagelaten om de locatie te veranderen, zal de fabrikant deze niet meer vervangen in waarborg als het toestel stukgaat. Ze zullen de ketel zelfs helemaal buiten dienst stellen. De vraag rijst dan natuurlijk wie de boter gegeten heeft en de rekening mag betalen van de aanpassing én van de interventie van de fabrikant. De huurder is niet op de hoogte van deze wetgeving, de eigenaar belt de installateur en die voert uit wat gevraagd wordt. Groot is dan ook de verwondering als later blijkt dat de fabrikant niet wil tussenkomen in de waarborg, of als de technicus die na de waarborgperiode komt, als het toestel stukgaat, zelfs de installatie afsluit. Niet zelden wordt dit soort situaties uiteindelijk voor de rechtbank beslecht. De installateur heeft hier een belangrijke informerende functie om de klant te wijzen op de wetgeving.

Met dank aan Bureau d'Experts Philippe Deplasse & Associés