naar top
Menu
Logo Print

DE AFVOER VAN SANITAIR WATER: GA NIET MEER UIT JE DAK!

 

Bij elke afvoer van sanitair water zuigt het buizensysteem lucht mee. Als dit volume lucht niet meer wordt aangevuld door lucht van buiten het systeem, ontstaat een onderdruk en worden de geurafsluiters leeggetrokken. Het resultaat is ongezonde geurhinder en gorgelende geluiden bij elke afvoer.

De mate waarin deze onderdruk ontstaat, is afhankelijk van een heel aantal factoren: de diameter van de afvoerleidingen, de hoek van de aantakking van de verzamelleiding op de standleiding, de hoek van de diverse aansluitingen op de verzamelleiding en de helling van de verzamelleiding.

In een traditioneel systeem trachtte men de onderdruk te vermijden door gebruik te maken van een open standleiding en een secundaire ventilatie. Met deze oplossing introduceerde men echter nieuwe nadelen: de standleiding moet door het dak gevoerd worden en dat is op zich een dure ingreep en kan aanleiding geven tot lekken en condensatieverschijnselen vanwege de temperatuurverschillen van de binnengetrokken buitenlucht. Geurhinder in de omgeving van die open standleiding is inherent. Om te vermijden dat een sifon op het gelijkvloers toch wordt leeggetrokken is het gebruik van een standleiding trouwens inefficiënt: de lucht moet soms van 20 m of meer aangevoerd worden en komt daardoor meestal gewoon te laat. Vandaar de toevoeging van de secundaire ventilatie.

Maar deze secundaire ventilatie is eveneens een bron van veel extra kosten en nadelen. Voor een optimale werking moeten in principe alle leidingen dezelfde diameter (bv. 100mm) hebben. De extra installatiekosten en het plaatsverlies in huis wegen niet op tegen de toch al niet erg efficiënte werking van deze oplossing.

In hoge gebouwen speelt ook de aansluiting van de standleiding op de collector en de helling van deze een belangrijke rol in de opbouw van overdruk in de leidingen.
In foutief berekende installaties in hoge gebouwen kan zelfs turbulentie ontstaan in het afvoerwater. Bovendien treedt steeds het fenomeen op dat het water langs de wand van de standleiding naar beneden loopt en aan de basis ervan losbreekt en een watergordijn vormt. De in het centrum van de standleiding meegevoerde lucht weerkaatst met hoge snelheid op dit watergordijn en op de onderzijde van de collector om vervolgens een uitweg te zoeken in de dichtstbijzijnde reukafsluiter. De lucht verlaat deze reukafsluiter in omgekeerde zin met eveneens geurhinder tot gevolg.
Deze overdrukgolven ontstaan niet enkel aan de basis van de standleiding maar ook op de plaatsen waar de standleiding van richting verandert of waar er vertakkingen of vernauwingen zijn. De meegetrokken luchtstroom wordt op die plaatsen onderbroken en teruggekaatst. Deze golven hebben een kleine amplitude en een klein volume, maar verplaatsen zich in omgekeerde zin van de afvoer aan een snelheid van ca. 320 m/s en tasten de watersloten aan.

Nochtans bestaat er al zeer lang een systeem waarmee de traditionele problemen kunnen vermeden worden: door het consequent toepassen van beluchtingsventielen en indien nodig gebruik te maken van een overdrukdemper in het afvoersysteem wordt het basisprobleem, nl. lucht toe te voeren waar nodig, efficiënt opgelost. Dit met een eenvoudige installatie en veel lagere installatiekosten.

Het volstaat dat we vooreerst een grote beluchter (type Knits II) onder het dak plaatsen op de kop van de standleiding. De standleiding hoeft dan niet meer door het dak te gaan.

Verder plaatsen we op elke (quasi-) horizontale verzamelleiding een Mini-Knits of een Combi-Siphon Design. De installatie van een secundaire beluchting is daardoor geheel overbodig.

In hoge gebouwen van meer dan 4 verdiepingen plaatsen we op oordeelkundige posities een overdrukdemper type P.A.P.A. om de terugslag van de meegevoerde lucht op te vangen.

En op de ventilatie van de septische put komt een geurfilter op basis van actieve kool (Maxi-Filtra) die de geuren op die plaats neutraliseert.

NECAP

NECAP

BELGIELEI 90/B5
2000 ANTWERPEN
+3232316980
+3237072102
www.necap.be